{application_name}

Riskplaza Audit+ biedt vertrouwen

Riskplaza audit+ levert efficiency in de keten en in het bedrijf op. Daarnaast verhoogt het de voedselveiligheid door middel van risicobeperking.

  • Enorme verlaging verificatiekosten en –lasten
  • Minder tijd kwijt met beantwoorden leveranciersbeoordelingen
  • Verminderd toezicht NVWA grondstofgevaren
  • Straalt vertrouwen uit naar hele keten

Waarom een Riskplaza Audit+?

Voedingsmiddelenbedrijven zijn verantwoordelijk voor de producten die zij inkopen en op de markt brengen. Uiteraard moet van deze producten de voedselveiligheid geborgd zijn. Daarbij mag een afnemer echter niet alleen vertrouwen op het voedselveiligheidscertificaat van zijn leverancier. Afnemers zijn zelf verantwoordelijk voor de verificatie van de voedselveiligheid van grondstoffen. Als handreiking aan de bedrijven heeft de NVWA infoblad 64 en infoblad 65 opgesteld met hierin handvatten voor bedrijven voor de wijze waarop invulling wordt gegeven aan inkoopverificatie. Infoblad 64 voor productiebedrijven en infoblad 65 voor de handel in consumptiegerede producten

Voor veel ondernemers in de levensmiddelensector is dit een probleem. Ga maar eens bij alle leveranciers beoordelen hoe deze de voedselveiligheid hebben geborgd. Om de genoemde sectoren bij de borging van voedselveiligheid van ingrediënten zoveel mogelijk werk uit handen te nemen, is het Riskplaza-audit+-systeem ontwikkeld. Bij het Riskplaza-audit+-systeem wordt gebruik gemaakt van de informatie uit de Riskplaza-database.

Wat is Riskplaza Audit+?

Bij een Riskplaza-audit+ voert een certificerende instelling (CI) bij een deelnemend bedrijf een aanvullende audit uit bovenop het al aanwezige voedselveiligheidscertificaat (HACCP, IFS, BRC, ISO 22000 of FSSC 22000). Deze aanvullende Riskplaza-audit+ is gericht op de borging van de voedselveiligheid van ingrediënten. Tijdens de audit moet een bedrijf kunnen aantonen dat de mogelijke gevaren van ingrediënten zijn beheerst. De mogelijke gevaren en de beheersmaatregelen die CI’s bij de Riskplaza-audit+ toetsen, vindt u in Riskplaza.
Leveranciers kunnen de beheersing van de in Riskplaza opgenomen gevaren van ingrediënten vanaf 2008 laten toetsen door certificerende instellingen. Is de borging in orde, dan wordt het bedrijf opgenomen in de lijst met Riskplaza-audit+-bedrijven.

 
In het kader van helderheid en transparantie, werkt Riskplaza niet met een scope.

 
Indien een bedrijf de Riskplaza-audit+ status heeft, weten afnemers dat alle producten van het bedrijf onder de status vallen.
- 100% borging van de gevaren in alle producten op die productielocatie, dus er is geen enkele uitzondering.

 
De Riskplaza-audit+ wordt tijdens of na de reguliere voedselveilgheidsaudit (HACCP, BRC, IFS, ISO 22000 of FSSC 22000) uitgevoerd. De frequentie van de Riskplaza-audit+ is gelijk aan die van de reguliere voedselveiligheidsaudits. Per bedrijf hoeft er maximaal één Riskplaza-audit+ per jaar te worden uitgevoerd. De Riskplaza-audit+ moet door een door de Stichting Riskplaza gekwalificeerde auditor worden uitgevoerd. Een overzicht van de deelnemende CI’s en gekwalificeerde auditoren vindt u bij Certificerende Instellingen.

 
Indien uw bedrijf een Riskplaza-audit+ wil ondergaan, kunt u contact opnemen met één van de deelnemende CI’s. De CI meldt het bedrijf vervolgens aan bij Stichting Riskplaza. Vooruitlopend op het doorlopen van de Riskplaza-audit+ wordt het bedrijf vermeld op www.riskplaza.nl met de vermelding ‘Audit+ in aanvraag’. Let wel: deze vermelding in Riskplaza is een aankondiging voor afnemers, maar heeft verder nog geen gevolgen voor de verplichte verificatie van grondstoffen door de afnemer.

 

Toezicht Riskplaza Audit+

In het kader van het Riskplaza-audit+-systeem heeft Stichting Riskplaza een onafhankelijke systeemdeskundige ingesteld die toeziet op de CI’s. Deze deskundige woont steekproefsgewijs audits door deelnemende auditoren bij. Het doel is het uniformeren van de uitgevoerde Riskplaza-audits door de geaccepteerde CI’s.
Heeft een leverancier de Riskplaza-audit+ met goed gevolg doorlopen, dan wordt deze gepubliceerd op Riskplaza.nl. Neemt een afnemer vervolgens van een Riskplaza-audit+-bedrijf af, dan hoeft deze de voedselveiligheid van grondstoffen niet zelf meer te verifiëren bij deze leverancier.

 

Schematisch ziet het Riskplaza-audit+ er als volgt uit:

Riskplaza audit plus

 
Bij de Riskplaza-audit+ toetst een CI of een leverancier de mogelijke gevaren van ingrediënten voldoende beheerst. Ingrediënten (en de hierbij behorende gevaren) die niet vallen onder de ingrediëntgroepen die in Riskplaza zijn opgenomen vallen niet onder de reikwijdte van de Riskplaza-audit+.
De Riskplaza-audit+ heeft betrekking op de ingrediënten voor alle (al dan niet samengestelde) producten die aan de aangesloten sectoren worden geleverd.
Ja, de Riskplaza-audit+ kan worden uitgevoerd bij alle bedrijven die leveren aan afnemers uit de aangesloten sectoren. In deze sectoren wordt veelal gebruik gemaakt van samengestelde producten die op hun beurt weer een grondstof vormen voor het uiteindelijke consumenteneindproduct.
Ook deze inkoop van samengestelde producten als grondstof dient te voldoen aan de eisen uit de Europese hygiëneverordening of te wel een volledige gevarenidentificatie en de beheersing van alle mogelijke gevaren van de aangekochte grondstoffen. Om hier invulling aan te geven kan gebruik gemaakt worden van de Riskplaza-audit+. Een bedrijf kan er natuurlijk ook voor kiezen om op één van de andere wijzen beschreven in infoblad 64 invulling te geven aan de beheersing van mogelijke gevaren in grondstoffen.
 
Producten die zowel als consumptiegereedproduct als als halffabricaat/ grondstof worden uitgeleverd aan afnemers in de deelnemende sectoren dienen eveneens onder de reikwijdte van de Riskplaza-audit+ te vallen. Producten die uitsluitend als consumptiegereed product worden uitgeleverd vallen niet onder de reikwijdte van de Riskplaza-audit+.
Ja, de Riskplaza-audit+ kan worden uitgevoerd bij alle bedrijven die leveren aan afnemers uit de aangesloten sectoren. In deze sectoren wordt veelal gebruik gemaakt van samengestelde producten die op hun beurt weer een grondstof vormen voor het uiteindelijke consumenteneindproduct.
Ook deze inkoop van samengestelde producten als grondstof dient te voldoen aan de eisen uit de Europese hygiëneverordening of te wel een volledige gevarenidentificatie en de beheersing van alle mogelijke gevaren van de aangekochte grondstoffen. Om hier invulling aan te geven kan gebruik gemaakt worden van de Riskplaza-audit+. Een bedrijf kan er natuurlijk ook voor kiezen om op één van de andere wijzen beschreven in infoblad 64 invulling te geven aan de beheersing van mogelijke gevaren in grondstoffen.
 
Producten die zowel als consumptiegereedproduct als als halffabricaat/ grondstof worden uitgeleverd aan afnemers in de deelnemende sectoren dienen eveneens onder de reikwijdte van de Riskplaza-audit+ te vallen. Producten die uitsluitend als consumptiegereed product worden uitgeleverd vallen niet onder de reikwijdte van de Riskplaza-audit+.
Veel bedrijven in de levensmiddelensector hebben een voedselveiligheidssysteem in de vorm van HACCP, BRC, IFS, ISO 22000 of FSSC 22000. Deze systemen zijn vooral gericht op de borging van de voedselveiligheid in het productieproces. De Riskplaza-audit+ vult deze borging aan met de beheersing van de voedselveiligheid op ingrediëntenniveau. Riskplaza bevat hiertoe informatie over de te nemen maatregelen om mogelijke gevaren te beheersen. Deze informatie kan een bedrijf dan ook goed gebruiken voor het bedrijfseigen HACCP-systeem.
De NVWA heeft diverse zelfcontrolesystemen gepubliceerd op haar website. Riskplaza is één van de zelfcontrolesystemen waar de NVWA rekening mee houdt in het toezicht dat zij op de sector uitoefent. Daarnaast houdt de NVWA ook rekening met andere zelfcontrolesystemen. De Riskplaza-audit+ is thans het enige systeem dat is geaccepteerd in het kader van inkoopverificatie zoals dit beschreven staat in infoblad 64 van de NVWA.
Ja, een bedrijf kan gebruik maken van analysegegevens van zijn toeleverancier ook wanneer de toeleverancier middels deelname aan een sectoraal monitoringsprogramma hier invulling aan geeft. Wel dient geverifieerd te worden (en ten behoeve van de CI aantoonbaar te zijn) dat de toeleverancier daadwerkelijk deelneemt aan het sectorale monitoringsprogramma en dat het product en de hierbij in Riskplaza benoemde gevaren onder de reikwijdte van het monitoringsprogramma vallen. Mochten er uit het sectorale monitoringsprogramma zaken naar voren komen waaruit blijkt dat aanvullende monitoring vanuit de deelnemers aan het sectorale monitoringsprogramma nodig is dan dienen deze adviezen of aanbevelingen opgevolgd te worden.
Op www.riskplaza.nl is onder de button Bedrijven met Audit+ goedkeuring een overzicht opgenomen van de bedrijven die de Riskplaza-audit+ met goed gevolg hebben doorlopen en welke bedrijven een Riskplaza-audit+ in aanvraag hebben. Daarnaast worden alle bedrijven en organisaties met een abonnement op Riskplaza per nieuwsbrief geïnformeerd wanneer een bedrijf de Riskplaza-audit+ met goed gevolg heeft doorlopen. Mocht het geval zich voordoen dat een Riskplaza-audit+-bedrijf de Riskplaza-audit+ niet met goed gevolg doorloopt of de Riskplaza-audit+ status op eigen verzoek wordt ingetrokken, dan zal dit eveneens in de nieuwsbrief, onder vermelding van de reden van intrekking, kenbaar worden gemaakt.
Voorafgaand aan de Riskplaza-audit+ dient een overzicht van alle ingrediënten en bijbehorende gevaren aan de certificerende instelling verstuurd te worden. Hierbij kunt u gebruik maken van de matrixrapportage/tabel. Op basis van deze informatie zal de CI een inschatting maken van de benodigde audittijd.
U kunt als bedrijf er voor zorgen dat de audit efficiënt en vlot verloopt wanneer u voorafgaand aan de Riskplaza-audit+ de nodige voorbereidingen treft.
Het is daarom raadzaam om voor alle gevaren die in Riskplaza zijn benoemd voor uw ingrediënten alvast het rapportageformat in te vullen zodat duidelijk inzichtelijk is op welke wijze uw organisatie invulling geeft aan de borging van de mogelijke gevaren.
Bij het uitdraaien van een pdf van een gevaren factsheet staat bovenaan aangegeven wanneer de factsheet voor het laatst gewijzigd is en wat hier de reden voor is geweest. Daarnaast ontvangt elke RiskPaza gebruiker een nieuwsbrief wanneer er wijzigingen zijn doorgevoerd en zijn de wijzigingen in gevarenfactsheets, na het moment van publicatie gedurende 1 jaar zichtbaar als de button ‘alleen gewijzigde gevaren’ wordt aangeklikt.
Wanneer er inhoudelijke wijzigingen in Riskplaza zijn doorgevoerd dient het Riskplaza-bedrijf deze te implementeren in het bedrijfseigen HACCP-systeem. De termijn waarop deze wijzigingen door het bedrijf in het voedselveiligheidssysteem moeten zijn verwerkt, zijn als volgt:
  • Wettelijke normen zijn van kracht per de datum dat zij ook wettelijk van kracht zijn.
  • Nieuwe koppeling van gevaren en ingrediënten moeten binnen een periode van 3 maanden na de datum van wijziging in het kwaliteitssysteem van het Riskplaza-audit+-bedrijf geïmplementeerd zijn.
Bij de eerst volgende reguliere Riskplaza-audit+ betekent dit het volgende:
  • Voor een verlichting (bv wanneer een koppeling tussen een ingrediënt en gevaar is verwijderd) betekent dit dat per direct bij de Riskplaza-audit+ geen controle meer op het betreffende gevaar in het ingrediënt meer hoeft plaats te vinden.
  • Bij een verzwaring (bv bij een nieuwe factsheet of bij een nieuwe koppeling tussen een gevaar en een ingrediënt) betekent dit dat uiterlijk drie maanden na dagtekening van de nieuwsbrief bij de Riskplaza-audit+ een controle op het betreffende gevaar in het ingrediënt moet plaatsvinden.
  • Voorafgaand aan de Riskplaza-audit+ dient een bedrijf zelf de inspectielijst op te stellen en aan de CI toe te sturen. Het bedrijf kan er dus zelf voor kiezen om bepaalde wijzigingen vast te implementeren en andere wijzigingen pas in een later stadium te implementeren.